In veel sectoren kan de lucht explosief worden door gassen, dampen of stof. Denk aan de chemie, de olie- en gasindustrie, de voedingsmiddelenindustrie of de opslag van graan. Voor deze omgevingen gelden de Europese ATEX-regels.
ATEX in het kort
ATEX staat voor ATmosphères EXplosibles. Het gaat om twee Europese richtlijnen:
- Richtlijn 2014/34/EU, voor apparatuur die in explosiegevaarlijke omgevingen wordt gebruikt;
- Richtlijn 1999/92/EG, voor de bescherming van werknemers op die werkplekken.
In Nederland zijn deze regels opgenomen in de arbowetgeving. Werkgevers moeten onder meer de explosiegevaarlijke zones op hun terrein indelen en de risico’s vastleggen in een explosieveiligheidsdocument.
Zones
Explosiegevaarlijke gebieden worden ingedeeld in zones, afhankelijk van hoe vaak en hoe lang er een explosieve atmosfeer aanwezig is. Voor gassen en dampen gaat het om zone 0, 1 en 2; voor stof om zone 20, 21 en 22. Hoe lager het nummer, hoe groter het risico en hoe strenger de eisen aan de apparatuur.
Alleen werken in een ATEX-omgeving
Een ongeval of onwel worden is in een explosiegevaarlijke omgeving extra ernstig. Een alleenwerker moet daar snel alarm kunnen slaan, maar elk elektronisch toestel is er ook een mogelijke ontstekingsbron. Daarom mag alleen apparatuur worden gebruikt die voor de betreffende zone is gecertificeerd.
Doomap biedt daarvoor ATEX-gecertificeerde alleenwerkersalarmen, zoals de D-5000 ATEX en de D-9000, geschikt voor zone 1/21. Ze combineren de SOS-knop, man-down-detectie en GPS met de veiligheid die deze omgevingen vereisen.
Training
Zorg dat medewerkers weten hoe ze het toestel gebruiken en wat er gebeurt na een alarm. Lees meer over het trainen van medewerkers.