De belangrijkste functie van een alleenwerkersalarm is misschien wel de man-down-detectie: een automatisch alarm als de medewerker zelf geen alarm meer kan slaan.
Wat is man-down?
Man-down is een verzamelnaam voor automatische alarmfuncties:
- Bewegingloosheid: het toestel slaat alarm als de drager te lang niet beweegt.
- Verlies van verticaliteit: het toestel herkent een val of een liggende houding. Lees hoe deze functie werkt.
- Valdetectie: een plotselinge schok gevolgd door stilstand.
- Dodemansfunctie: bij sommige toestellen moet de drager op vaste momenten een knop indrukken; doet hij dat niet, dan volgt een alarm.
De gevoeligheid en de tijdsduur kunnen worden afgestemd op het werk, om valse alarmen te voorkomen.
Zit het in elk toestel?
De meeste moderne alleenwerkersalarmen hebben man-down-detectie, maar niet elk toestel heeft alle functies. De detectie van verlies van verticaliteit vraagt bijvoorbeeld dat het toestel aan de riem of om de nek wordt gedragen. Bekijk de verschillende soorten alleenwerkersalarmen.
Is het verplicht?
De wet schrijft geen man-down-functie voor. Wel moet de werkgever de risico’s van alleen werken beoordelen en passende maatregelen nemen. Als een medewerker bij een ongeval of onwel worden zelf geen hulp kan inroepen, is automatische detectie vaak de enige manier om dat risico af te dekken.
Wat gebeurt er na een alarm?
Het alarm gaat met de GPS-positie naar de alarmcentrale. De operator probeert contact te maken met de drager. Krijgt hij geen reactie, dan schakelt hij direct de hulpdiensten in. Lees hoe de hulpverlening na een alarm verloopt.