Bij een alarm is snelheid alles, en daarvoor moeten de hulpdiensten weten waar de medewerker is. Een alleenwerkersalarm stuurt daarom bij elk alarm zijn positie mee. Maar werkt die locatiebepaling overal even goed?
Buiten: GPS
In de open lucht bepaalt de GPS-module van het toestel de positie nauwkeurig. De meeste toestellen gebruiken meerdere satellietsystemen tegelijk (GPS, Galileo, Glonass), wat de betrouwbaarheid vergroot. Lees hoe GPS-lokalisatie precies werkt.
Binnen en op moeilijke plekken
In gebouwen, kelders, ondergrondse parkeergarages of tussen hoge constructies is het satellietsignaal zwak of afwezig. Daarvoor bestaan aanvullende oplossingen:
- Indoor-bakens via bluetooth of wifi, die in het gebouw worden geplaatst en de positie per ruimte of verdieping doorgeven.
- Cell ID, dat een positie bepaalt op basis van de zendmasten van het mobiele netwerk.
- De laatst bekende positie: sommige toestellen sturen automatisch de laatste GPS-positie mee als er op het moment van het alarm geen signaal is.
Welke oplossing past, hangt af van de werkplek. Voor een monteur die onderweg is, volstaat GPS meestal. Voor een beveiliger in een groot gebouw zijn indoor-bakens een waardevolle aanvulling.
Spraakcontact als aanvulling
Ook als de positie niet exact is, helpt de spraakverbinding met de alarmcentrale: de operator kan de medewerker vragen waar hij zich bevindt. Daarnaast zorgt een multi-operator simkaart ervoor dat het toestel verbinding houdt met het sterkste netwerk.
Onderhoud en controle
Een alarm dat niet werkt, biedt geen bescherming. Controleer daarom regelmatig of de toestellen geladen zijn en verbinding hebben. Bij Doomap worden de toestellen continu gevolgd: bij een storing of een lege batterij wordt u automatisch gewaarschuwd.